Palmpasen
Naar Homepage

Naar Preekarchief

Naar Weblog

Marcus 11:1-11 Palmpasen 2015 29 maart De Lichtkring Hoofddorp

huldigingToen het Nederlands elftal in 1988 Europees kampioen werd ben ik naar Amsterdam gegaan voor de huldiging. Ik reed toevallig met de auto over de snelweg waar het elftal een uur later langs zou komen en er stonden rijen mensen langs de snelweg. In Amsterdam zag ik elftal tijden de rondvaart door de grachten en ik heb hartstochtelijk staan juichen toen de spelers langs voeren. En ik merkte – ook een beetje tot mijn verbazing - hoe ontzettend leuk ik dat vond. Juichen. Alles er uit gooien. Met hart en ziel zo’n elftal toejuichen. En het gebeurde dat toen de boot met de spelers voorbij kwam, ik oogcontact met Ruud Gullit had. Wel twee volle seconden keken wij elkaar aan. U begrijpt mijn leven was compleet. Achteraf denk je: wat heeft me bevangen? Wat was dat voor iets geks?

Als Jezus Jeruzalem binnengaat trekken de mensen hun mantels uit. We hebben het hier de afgelopen weken een paar keer over de betekenis van kleding gehad. Dat je met de kleren die je draagt iets van jezelf zien, de mens die je bent of de mens die je zou willen zijn. Hier leggen de mensen een deel van zichzelf af. Waarmee ze bekleed waren, wat hen bescheremde, wie ze waren, ze geven het weg. Het is een teken van overgave. Hier ben ik, onbeschermd, zeg me wat ik doen moet, laat me van u een nieuwe identiteit ontvangen. Ik sta in uw dienst. De mensen leggen hun mantels ook op de grond en de ezel zal er overheen lopen. Dat heeft iets van ‘loop maar over me heen, vertreed me, vertrap me, ik heb alles voor u over, ik zal alles voor u doen. U bent zo groot, zelfs de hoeven van uw ezel mogen de grond niet raken,Palmpasen mogen niet bevuild raken met de aarde.’ De mensen lopen ook het veld in en hakken daar takken met bladeren af. Net als hun mantels leggen ze die takken op de weg. ‘Niet alleen ikzelf ben van u, heel dit land is van u, heel de schepping is van u’.

Zo’n volledige overgave heeft iets beangstigends. We zien die overgave op het journaal. Dan zie je opgewonden menigten scanderen: ‘wij strijden, wij geven ons bloed aan jou, Al Baghdadi’ of aan Hamas of wat dan ook,’. Ik vind het afschuwelijk, maar je kan je ook voorstellen dat het iets aantrekkelijks heeft voor mensen. Zo’n complete overgave. Je hoeft niet meer na te denken, je hoeft niet meer je eigen afwegingen te maken, je hoeft niet meer te peinzen over de zin van je leven, je hoeft niet meer moeizaam te zoeken naar wat God van je wil, je hoeft eigenlijk niet meer je eigen leven te leiden, maar: overgave. Alleen maar overgave. Je ziel stroomt uit en leeg naar de mens die daar komt. Je leven heeft plotseling zin, je bent onderdeel van iets groots, van een zinvolle beweging, wij gaan samen de wereld veranderen, we nemen ons lot in eigen handen.

Weet je, ergens kan ik het me zo ontzettend goed voorstellen, die jongens en meisjes die afreizen naar Syrië om daar te gaan vechten. Je leven geven voor de goede zaak, opkomen voor je bedreigde geloofsgenoten, strijden voor rechtvaardigheid. Je leven heeft plotseling zin, je doet wat goed is. Wie heeft dat niet, dat je je klein en mislukt voelt. Ik heb zeker van dat soort periodes in mijn leven gehad. En dan, dan mag je vechten, dan mag je een radertje zijn in dat grote geheel, in dat grote leger. Je hoeft je alleen maar te geven en dan mag je meedoen en je mag jezelf geven als een offer en je kan het heil in dat ene ogenblik van jouw offer grijpen.

Ik kijk daar verbijsterd naar, maar het lastige is: ons geloof heeft iets van die overgave. Geloven is een vorm van vertrouwen en het heeft daarmee ook iets van overgave. Ik geef mij over aan God. Ik kan in mijn eigen leven ook niet alles overzien en dus zeg ik tegen God: op U stel ik mijn vertrouwen. Als de profeet Jesaja voor het eerst de stem van God hoort zegt Jesaja haastig: Hier ben ik, stuur mij, neem mij in uw dienst. Geloven heeft iets van je hele leven, van hart en ziel, van zonder reserve. Geloven is niet iets van ‘Jongens, het is vijf uur ik ga naar huis’, geloven is oneindig, het omvat je hele leven. Het gaat over de eerste, de laatste en de uiterste zaken van je leven. Maar hoever gaat die overgave dan?

Asia BibiNou die kan dus behoorlijk ver gaan. Ik denk aan christenen die omwille van hun geloof vervolgd worden. Asia Bibi, een christelijke vrouw uit Pakistan, zit al 6 jaar in de gevangenis op de valse beschuldiging dat ze de profeet Mohammed beledigd heeft. Haar leven zou makkelijker zijn als ze zich tot de Islam bekeerde, maar ze doet het niet. Ze blijft trouw aan het geloof dat ze meegekregen heeft. Hoe ver gaat haar overgave, nou ze geeft haar leven. Ook al zal ze hopelijk niet ter dood veroordeeld worden, ook zo lang in de gevangenis zitten is dit een vorm van martelaarschap. Van je leven geven

Jezus vraagt onze overgave. Maar niet omdat wij zo klein en minderwaardig zouden zijn en daarom een werktuig voor iets groters moeten zijn. Hij denkt juist heel hoog over ons. Wij zijn zelf zijn doel. De mensen langs de route vinden dat Jezus zo kostbaar is dat hij zelfs niet op de grond mag lopen. Ze laten nog liever zichzelf vertrappen. Maar Jezus wil dat helemaal niet. Hij treedt niet op ons met zijn voeten, maar zal straks vlak voor zijn dood de voeten van zijn leerlingen wassen. Hij schaamt zich niet voor het stof van de aarde. Hij schaamt zich ook niet om zelf klein te zijn. De mensen denken dat zij klein moeten zijn, en zich moeten laten vertrappen op de aarde en dat Jezus dan heel groot kan worden. Maar Jezus is juist naar de aarde gekomen om ons groot te maken. Om van ons grote mensen te maken (net zo groot als Adam en Eva ooit waren). Om van ons mensen van God te maken. En dat gaat niet één, twee, drie, in één groots, omvattend en heldhaftig gebaar. Het is een langzame en vaak ook moeizame weg. Jezus gebruikt in zijn onderwijs het beeld van het zuurdesem. Van het gist dat deeg langzaam, maar zeker helemaal doordringt, net zolang totdat de smaak er helemaal in doorgedrongen is en het brood gerezen is, groter en mooier en voller dan het ooit geweest.

Vergelijk het met een liefdesrelatie. Ook de liefde berust op vertrouwen en overgave aan elkaar. Maar ook een goede liefde is ook op meer gebaseerd. Het is groter en ik moet eerlijk zeggen ook moeizamer dan alleen overgave en vertrouwen. Liefde heeft ook te maken met vaak moeizaam leren om elkaar veel te gunnen, om niet jaloers te zijn, om niet grof tegen elkaar te doen, om je woede te beheersen, om oprecht te zijn, om vredelievend en liefdevol zijn. Het vereist iets van jou. Het eist ook iets dat je oefent en dat niet vanzelf gaat en waar je niet ook niet bent in één gebaar van verliefdheid, omarming, overgave en éénwording.

Ik denk dat de mensen langs de kant van de weg gedacht hebben: hier komt iemand met zijn manschappen de stad binnentrekken. Het begin van een militaire coup en wij doen met hem mee. ‘Wij geven ons bloed aan jou, Jezus’. Maar Jezus vraagt niet de overgave om met hem de militaire strijd in te gaan. Hij vraagt een veel moeilijkere overgave, een overgave om je leven vorm te geven, om je hart vorm te geven. Om je leven te laten doordringen van hem. Van zijn woorden, van zijn leven, van zijn hemel. Daar gaat de echte strijd over. 

‘God, de Heer, heeft mijn oren geopend’ zegt Jesaja ‘en ik heb geen verzet geboden, ik ben niet teruggedeinsd’. Dat is overgave. Langzaam de woorden van God tot je door laten dringen, in je leven door laten dringen. Je daar niet tegen verzetten. Kom maar, in mijn leven. Doordring mijn leven maar, ik geef me hier aan over. En meteen gaat Jesaja verder: ‘ik heb mijn rug blootgesteld aan mijn folteraars, wie mij de baard uittrokken bood ik mijn wangen aan’. Dat is de weg van het kruis. Wie het zoekt in deze passieve levenswijze van luisteren, van je laten doordringen van Gods woorden, die komt uiteindelijk uit aan de andere kant van de triomfantelijke intocht van een rebel die de macht grijpt. Die komt uit bij een gang naar het kruis, van geslagen worden, van lijden. En natuurlijk hopen we en bidden we en vertrouwen we dat ons zo’n gang naar het kruis bespaard zal blijven. Maar misschien gebeurt dat ook niet. En komen we er wel. De volgeling van Jezus laat alles langzaam tot zich doordringen, zij of hij vecht niet tegen de woorden van God. En op een zelfde wijze aanvaardt hij of zij de consequenties van het geloof.Palmpaasoptocht

Als de kinderen straks komen hebben ze mooi versierde palmpaasstokken bij zich. Ergens lijken het palmtakken, waarmee de mensen naar Jezus zwaaien. Of misschien zijn het toch vooral kruisen. Tekens van het lijden  Maar ze zijn meer dan tekens van het lijden. Het zijn mooi versierde kruisen, kruisen die vruchtbaar blijken te zijn en ons hart en deze wereld doordringen. Bloeiende kruisen, met bloemen en narcissen van papier, die de rijkheid van heel ons geloof en van alles wat we in de komende week vieren en gedenken symboliseren. Kruisen die vooral gaan over Pasen en over opstanding. Amen.