Simson
Naar Homepage

Naar Preekarchief

Naar Weblog
Weinig is er voor nodig om de gespannen verhouding tussen twee bevolkingsgroepen tot een uitbarsting te laten brengen. Een geringe provokatie is voldoende. Er hoeft maar dit te gebeuren of twee volkeren staan op voet van oorlog met elkaar. Wat is er nodig voor een oorlog. Het wantrouwen tegen elkaar dat al generaties lang gevoed wordt, dat door eeuwenoude vijandbeelden en stereotyperingen bewaard en opgespaard wordt, heeft maar een klein vlammetje nodig om tot een grote brand uit te groeien.
De wraak van een afgewezen minnaar. Van een bedrogen echtgenoot, zo u wilt. Van een man die zijn bruid komt halen, maar zie ze heeft een ander. Het is voldoende om de hele oorlogsmachinerie in een keten van aktie en reaktie op gang te brengen. De Filistijnen rukken uit. De  Israëlieten verzamelen zich. Eén provokatie en volk staat tegen volk.
De rijen worden gesloten. De haat slaat het eerst naar binnen: wie onbetrouwbaar lijkt wordt uitgestoten. De bruid en de schoonvader van Simson worden vermoord, door hun eigen mensen. Waar ze al eerder mee dreigden voeren ze nu uit. Haat richt zich vaak het eerst op de eigen gemeenschap. Als het over buitenlanders gaat blijft er vaak een stilzwijgen, maar het Nederlandse meisje dat met een Turkse jongen gaat, krijgt de haat van een hele gemeenschap over zich heen. Dan is er het idee: maar dat meisje is toch van ons. De jongens hebben het idee dat er iets afgepikt wordt wat hen rechtmatig toekomt. Daar moeten ze afblijven. En zij zal dat weten ook.
Simson bindt fakkels aan vossen MatsysOok in Israël worden de rijen gesloten. Hier slaat niet de haat, hier slaat de angst naar binnen. Zo bang zijn ze voor de Filistijnen dat ze liever iemand uitleveren, dan beschermen. Ze proberen een zoenoffer te brengen. Jullie Simson, wij geen oorlog. Het is beter dat er één sterft dan dat hele volk klappen krijgt en misschien hebben ze daar nog wel gelijk in ook. En zo wordt Simson overgeleverd aan de volkeren, aan de Filistijnen.

Gemeente, wie is Simson. Is hij een man die zich alleen maar door zijn eigen lusten en zijn eigen drift laat leiden. Een man die leeft van wraak en geweld? Wie is Simson? Wat is zijn richten en wat is zijn doen, vroeg zijn vader bij zijn geboorte. Maar het is ook een vraag aan ons: wat doet Simson nu eigenlijk en hoe beoordelen we dat. Wie is hij.
Israël levert Simson uit aan de Filistijnen. Drieduizend man, een heel leger, wordt ingezet om hem op te pakken en over te leveren. Weet Israël wie Simson is? Kent Israël het geheim van Simson? De Filistijnen konden Simsons raadsel wel oplossen, hoorden we vier weken geleden, maar achter zijn geheim kwamen ze niet. Maar kent Israël eigenlijk wel het geheim van Simson? Wat weten zij ervan wat het betekent om een Nazireeër, een afgezonderde van God te zijn. Wat weten zij van Simson? En wat weten zij van hun eigen geheim. Van het geheim in hun midden. Dat zij een afgezonderd volk zijn. Een heilig volk voor de Heer. Afgezonderd zoals Simson afgezonderd is. Wat weten ze ervan wat het betekent om God toe te behoren.
 Wat weten wij ervan om God toe te behoren. Kennen wij het geheim van God-met-ons. Wat weten wij ervan hoe God met ons spreekt en doet?

Israël kent het geheim van Simson niet. Net zoals ze er in het boek Richteren ook blijk van geven hun eigen geheim niet te kennen. Ze doen wat kwaad is in de ogen van de Heer, ze lopen andere goden achterna. Israël kent Simsons geheim niet. Zij begrijpen Gods wonderbaarlijke verbond met Simson niet.

Simson wordt uitgeleverd. Een gevangene, een gebondene.

Waarom sluit God een verbond met Simson? Waarom is hij een afgezonderde. Waarom valt Gods geest op Simson zodat hij zijn boeien verbreekt. De touwen van zich afscheurt als waren het windsels en linnen doeken. Want Simson gedraagt zich volstrekt niet als een Nazireeër, als een afgezonderde, als iemand die een speciaal verbond met God heeft. Israël houdt zich misschien niet aan het verbond, maar Simson, die gaat pas ver. Een Nazireeër mag niet drinken, Simson richt een huwelijksfeest aan. Een Nazireeër mag geen contakt met dode lichamen hebben. Aan Simsons handen druipt het bloed van mens en dier. Met een nog verse ezelskaak, nog nat van het speeksel en bloed slaat hij duizend mensen dood. En in het volgende hoofdstuk zullen we lezen dat Simson rustig naar de hoeren gaat. Waarom is God met Simson?Simson overwint en drinkt

Gemeente, wij kennen het geheim van God. Wij weten dat we goed met elkaar moeten omgaan. Dat we elkaar trouw moeten zijn. Dat we hulpvaardig moeten zijn tegenover elkaar. Dat de kerk belangrijk is en dat we de mensen daarbuiten ook niet moeten vergeten. Dat we armoede en honger uit de wereld moeten helpen. Wij kennen het geheim van God.

Simson. Hij vecht tegen de Filistijnen op de hoogte van Lechi en hij komt terecht in de holte van Lechi. God schenkt hem het vuur waarmee zijn touwen knappen. God schenkt hem het water om zijn dorst te lessen. Simson, zijn naam betekent zon, licht en hij sterft in het duister, als een blinde. Een grensganger is hij: van hoog naar laag, van licht naar donker, van water naar vuur, van sterkte naar zoetheid, van Israël naar de Filistijnen. Een apart gezette, zo apart, zo afgezonderd, dat hij steeds alle grenzen overschreidt.

Hij overschreidt ook onze grenzen. Hij is niet aardig. Hij is niet trouw. Hij is wraakzuchtig en gewelddadig.

Hij richt Israël twintig jaar. Door zijn hand begint de bevrijding van Israël.

God kennen we toch blijkbaar minder goed dan we denken. God is toch onverwachter dan we voor mogelijk hielden. Maar wie is deze God dan? Wie is hij dat hij Simson tot zijn dienaar kiest. Gaat God dan maar zomaar zijn ongekende gang vol duistere majesteit. Grillig en als het erop aan komt onberekenbaar? Of, andere mogelijkheid, is hij een God die ons uit een al te beperkende, uiteindelijk al te burgerlijke en al te truttige kerkelijke moraal wil leiden naar een groots en meeslepend leven? God als een soort artiest?

Simson is een nazireër. Een bijzondere nazireeër. Andere nazireeërs leggen een gelofte af dat ze een bepaalde periode zich als een nazireeër aan God zullen wijden. Hun nazireeërschap heeft een begin en een einde. Simsons nazireeërschap berust niet op zijn eigen belofte, maar op een aankondiging van een bode van God. Simson is nazireeër krachtens Gods belofte. Hij is het van zijn geboorte af aan tot zijn dood aan toe. Dit nazireeërschap is Gods eigen belofte.
Israël doet wat kwaad is in de ogen des Heren. En zie, ze krijgen een richter die bij hen past. Die alles doet wat God verboden heeft. En toch is God bij hem. Zoals hij ook bij Israël blijft. Zoals hij ook zijn trouw aan Israël houdt. Israël dat al voor zijn geboorte apart gezet is en dat zal blijven. Simson is een richter die bij dit Israël past. Als een teken van het kwaad dat Israël doet èn als een teken van Gods trouw. Apart gezet en alle grenzen overschreidend, een driftkop, een provokateur en de man door wiens hand Israël verlost wordt. Maar heel dat tegenstrijdige lichaam, heel deze mens in de hand van God, van zijn geboorte af aan, krachtens Gods eigen belofte. Zoals Israël. Zoals wij.

Kent Simson zijn eigen geheim? Als hij de duizend filistijnen gedood heeft, krijgt hij dorst. Hij roept tot God. Hij weet dat hij in zijn hand geweest is en zo deze slag heeft kunnen slaan. Bron van de roepende noemt hij het water dat God tevoorschijn laat komen.Een bron, water als teken van Gods trouw. Water dat de dood verjaagt en mensen naar het leven haalt. Wie is die roepende? Simson. Maar misschien is het ook wel God. God die Simson roept , die ons roept, heen en weer geslingerde mensen die wij zijn, en blijft roepen om op zijn weg te gaan. Amen.

Heerenveen 10 oktober 1992

Richteren 15

Veel afbeeldingen van Simson zijn te vinden op: http://marinni.livejournal.com/582192.html