Krachten
Naar
Homepage


Naar Weblog

Naar Archief

Naar Preekarchief

Juist kinderen wil je beschermen. Omdat ze zo kwetsbaar zijn. Een kind kan zichzelf niet verdedigen. Ik weet nog dat mijn dochter klein was. Die keer dat ze niet thuis kwam – paniek. Die keer dat ze 14 dagen in het ziekenhuis lag. Of je nu zelf kinderen hebt of niet: je weet  hoe kwetsbaar ze zijn – en hoeveel bescherming ze nodig hebben. En daarom doe je alles. Hele rationele dingen: je gaat eindeloos naar zwemles. Maar ook minder rationele, minder verstandelijke dingen: nog eens naar de dokter gaan om gerustgesteld te worden – of naar een alternatieve genezer, omdat je je kind zo graag gezond wil zien. Je kind slaapt slecht en huilt veel – misschien lopen er wel krachtbanen door je huis en je huurt iemand in om die te verwijderen. In Marokko, in Afrikaanse landen krijgen kinderen amuletten mee: om ze te beschermen tegen kwaad, tegen ziekte, tegen mensen die hen iets aan willen doen, tegen het boze oog, tegen kwade geesten. Omdat een kind zo kwetsbaar is, omdat je zo houdt van je kind.

Mensen brengen hun kinderen naar Jezus. Jezus moet hun kinderen aanraken. Ook dat is iets van dat minder rationele, van dat magische. Ik denk dat de mensen denken: als Jezus mijn kind aanraakt dan wordt mijn kind behoed voor kwaad. Misschien zelfs: dat aanraken zal zegen en geluk brengen. Jezus geneest zieken, er is iets van God bij hem – als hij mijn kind aanraakt – dat is goed.

Ik kan me wel voorstellen dat de leerlingen van Jezus een ongemakkelijk gevoel krijgen bij een Jezus die kinderen aanraakt, omhelst, de handen oplegt. Wat Jezus doet is toch een serieuze zaak. Het gaat om hele belangrijke zaken, dat is de reden dat ze hem volgen. Hun hele leven in dienst van hem stellen – en dan gaat Jezus een beetje kinderen aanraken. Die leerlingen zullen zo iets denken van: ja, maar, Jezus, ik ben toch geen kind. Jezus, je neemt me toch wel serieus. Ik volg je, ik luister naar je – ik probeer je gelijkenissen en woorden te begrijpen. En dan dit aanraken, dit magische. Ik denk dat wij net als de leerlingen vaak ook  moeite hebben met dit soort magie. Als protestanten hebben we veel van wat met magie te heeft weggedaan. Dat noemen we bijgeloof. Ergens denken we dat wij een echt geloof hebben – en die mensen in Marokko of Afrika die met amuletten in de weer zijn – dat is bijgeloof. Wij zijn rationele mensen – ook in ons geloof - en anderen zijn dat niet.

Maar ik denk dat wij helemaal niet zulke rationele mensen zijn. Wij worden voortgedreven door allerlei zaken: mooie zaken: liefde, liefde voor God, liefde voor je medemens. Ik zie bij u en bij veel mensen ontzettend veel liefde. Daardoor wil je iets goeds en zinnigs doen met je leven. Daardoor maak je het toch weer goed met je vriend. Daardoor verzorg je je familielid. En een mens wordt voortgedreven door zoveel ander zaken:, door wrok, door haat, door angst, door heerszucht door begeerte. Daar wordt je door voortgedreven, dat bepaalt wat je doet en hoe je leeft.

Jezus stelt kinderen aan ons ten voorbeeld. Word als zo’n kind, zegt hij. Ik hoor daarin: erken dat je ten diepste niet anders bent dan een kind. Een kind is kwetsbaar en onbeschermd – en dat ben jij ook. Wat voor verzekeringen je ook hebt, wat voor muur van arrogantie je ook opbouwt, je staat in het leven net zo kwetsbaar en machteloos als een kind. Ook jij hebt je leven niet in je hand. Ook op jouw weg zijn talloze gevaren. De dingen die jou kunnen overkomen, de verkeerde keuzes die je kan maken, de krachten in ons leven waar we geen weerstand tegen bieden  en die dan met ons op de loop gaan. Als het er op aan komt zijn we er niet veel beter aan toe dan een kind. En daarom moet je ook beseffen dat wat die kinderen nodig hebben, wij ook nodig hebben.

Uiteindelijk komt het er op aan dat we aangeraakt worden door Jezus. Wij hebben de kracht van Jezus nodig in ons leven. Wij mensen die door allerlei krachten voortgedreven worden in ons leven, hebben het nodig, dat we door de kracht van Gods liefde aangeraakt worden en dat dat de kracht is die ons leven bepaalt. Dat dat de kracht is die ons beweegt om ons leven vol te houden en de dingen te doen die met Gods liefde te maken hebben.  Al die dingen die u doet: mensen verzorgen, te zorgen dat Schiphol goed en veilig, dat leerlingen op school een beetje beter uit de startblokken van hun leven komen. En wat je daarvoor moet doen is, net als die kinderen er voor openstaan. Dat heeft iets primitiefs, dat heeft iets kinderlijks, maar het is allerbasaalste van ons menszijn. Open staan voor Gods liefde, open staan voor de aanraking van Jezus of van Gods geest of hoe je het ook noemen wilt. Dat is het.

Jezus kijkt ook anders dan wij naar de echtscheiding. Het overheersende gevoel bij ons is toch: je bent een mens – en dan ontmoet je iemand anders, je gaat een relatie en als je niet meer van elkaar houdt is het beter om te scheiden. Voor Jezus zitten mensen niet zo statisch en rationeel in elkaar. Twee mensen die elkaar ontmoeten en van elkaar zijn gaan houden, die worden één, zegt Jezus. Er is een kracht van liefde in hen werkzaam die hen naar elkaar toe drijft en die hen bij elkaar houdt.

Maar goed we weten dat er ook andere krachten een rol spelen in het leven van mensen. De afgelopen jaren stond in Trouw elke week een column van de schrijfster Elke Geurts. Twee jaar geleden had haar man aangekondigd dat hij hun huwelijk niet meer zag zitten. Maar zij zag haar huwelijk helemaal wel zitten. Elke week deed ze verslag van alles wat het bij haar opriep. De pijn, de woede. Wat er gebeurde toen ze het de kinderen vertelde. Of als ze het dan toch nog weer een keer gezellig hebben, toch nog gezellig uit eten zijn geweest of op vakantie of toch nog met elkaar gevreeën hebben. Het mooie van die columns vond ik ook het verzet. ‘Ik wil dit niet’. Ook het zelfonderzoek: waar schoot ik te kort. Maar boven alles: dit wil ik niet. En dan na een jaar blijkt dat haar man al heel lang een ander had. Iemand die ze nog kent ook. En dan de woede en het verdriet – en uiteindelijk het besef: dit komt nooit meer goed. Dit is niet te repareren. Dit is voorgoed stuk. En toch, we blijven voor altijd verbonden. We hebben kinderen. Wij blijven altijd hun vader en moeder. En hun eventuele kinderen zullen ons oma en opa zien…

Het mooie aan haar columns vond ik die wil van haar om te vechten voor haar huwelijk. Naïef te vechten, met overtuiging te vechten. 

De kracht van de liefde drijft mensen naar elkaar. Het is een verbindende kracht. Een kracht die mensen met elkaar laat samenleven, elkaar laat vergeven, elkaar laat delen in wat je hebt – zodat een ander van de honger niet omkomt. Het is de kracht die mensen ook met elkaar laat huwen. En die kracht van de liefde moet je niet tegenwerken. Als de kracht van Gods liefde mensen naar elkaar gedreven heeft, dan moet een mens daar geen scheidende kracht tegenover stellen. Dan moet je antwoord geven aan die kracht van Gods liefde.

En ja, ik weet het. Ik ken de huwelijken waarbij scheiding de enige oplossing was. Ik ken de huwelijken waarbij de vrouw als voetveeg behandeld werd – soms ook mishandeld werd – en scheiden was daar een bevrijding. Ik ken de mannen die opgeknapt zijn na hun scheiding. Ik zou op deze woorden van Jezus nooit een wet willen baseren die scheiden verbiedt.

Maar Jezus is ook geen wetgever of lid van een geschillencommissie. Hij is een spiritueel leraar, hij is de Zoon van God. Het gaat Jezus om het rechte leven voor Gods aangezicht. Dat is niet: we trouwen en ok het lukt niet, dan is er de mogelijkheid van de wet. Van de wet van Mozes of van de Nederlandse wet om te scheiden. Dat is niet een optie. Wel juridisch, maar niet als levensregel, als manier om je leven en je liefde vorm te geven. Leven op de weg van God is verbinden, verbonden blijven. De kracht van Gods liefde niet tegenwerken. Dan is scheiden niet een onderdeel van je denken en leven.

In het stuk uit Maleachi dat we lazen en in andere delen van de bijbel worden overspel en  het achterna gaan van andere goden altijd op één lijn gezet. Andere goden aanbidden, dat betekent andere krachten en andere waarden toelaten in je leven, ontrouw zijn aan God, niet vertrouwen op de kracht van God.  Andere goden aanbidden is geen optie in de bijbel – en op dezelfde wijze is scheiden geen optie bij Jezus. Daar moet je het niet zoeken. En ja, daar kan je terecht komen, het kan gebeuren, maar het is niet jouw levensdrive.

Wij zijn in de grond kwetsbare mensen, onbeschermd en voor een groot deel ook machteloos als kinderen. We hebben het nodig dat Christus ons aanraakt met zijn liefde. En ons zo ook beschermt. Die liefde moeten we laten stromen. Zodat we mensen zijn die verbinding zoeken. Met God, met Christus, met mensen naast ons. Amen.

Marcus 10:1-16 en Maleachi 2:10-16