Wijsheid
Naar Homepage

Naar Preekarchief

Naar Weblog
Thomas a KempisSpreuken 8: 21-31

Een van de best gelezen boeken uit de wereldgeschiedenis, komt van een Nederlander. Het is het boek 'Navolging van Christus' van de monnik Thomas a Kempis. Het boek is niet een spannende detective, die je in n adem uitleest. Het boek bestaat uit korte stukken - meditaties over één onderwerp - een paar bladzijden per dag, terwijl er toch ook een doorgaande lijn in zit. En als je het boek uit hebt moet je gewoon weer bij het begin beginnen. Want bij herlezing van het boek stuit je op elke bladzijde weer op nieuwe ontdekkingen en roept het telkens weer nieuwe gedachten over je eigen leven bij je op. Zo raak je steeds dieper in het boek, een spiraalvormig patroon van oneindige herhaling dat je steeds dichter naar de kern brengt.

Christendom en jodendom hebben nooit mysteriegodsdiensten willen zijn. Dat zijn godsdiensten waar je in ingewijd wordt en waarbij je verschillende trappen van inwijding hebt met uiteindelijk een groot geheim, voor de meest gevorderden. In het christendom daarentegen zijn de meest centrale riten, doop en avondmaal, de meest centrale geschiedenissen, openbaar en voor iedereen te lezen en te volgen. En toch is het element van inwijding niet helemaal afwezig. Er is een lange weg van leren en ondervinden. Er is een lange weg van leven met deze godsdienst, met het op je in laten werken van de woorden en de riten. Kijken wat ze bij je oproepen. Kijken welke weerstanden er bij jezelf bestaan tegen deze godsdienst. Kijken welke nieuwe inzichten en uitzichten het voor je oplevert. En dan weer verder gaan.

Het fragment uit Spreuken dat we lazen wordt wel de kern of het hoogtepunt van het hele boek genoemd. Het gedicht begint met de woorden: de Heer en het eindigt met de woorden de mens. Het gedicht begint bij God en het eindigt bij de mens. En tussen die twee woorden is de ruimte geschetst waar de wijsheid verkeert.

Voor ons heeft wijsheid te maken met ervaring, met onze eigen ondervinding, met een leren in onze eigen omstandigheden van tijd en plaats. Maar er zit in de wijsheid ook een element, een uitgangspunt, dat niet zozeer met onze omstandigheden te maken heeft, maar dat van bovenaf onze omstandigheden wil vormen, dat ons taal en woorden wil geven voor ervaringen, dat ons wil openstellen voor ervaringen, die we uit onszelf zo niet zouden krijgen. De wijsheid begint bij God. Pas als je je openstelt voor wat God zegt aan wijsheid, als je luistert naar wat hij zegt over betrouwbaarheid en over recht, pas dan kan je zelf ontdekkingen gaan doen, pas dan kan je zelf echte wijsheid gaan formuleren en beoefenen.

Toen ik theologie studeerde dacht ik: ik moet de bijbel aansprekend maken voor deze tijd, voor de ervaringen die mensen nu hebben. De woorden van God moeten we vertalen en brengen naar de levens van de mensen van nu. Ik merk dat ik de laatste jaren vooral bezig ben met het omgekeerde: hoe komen wij als de mensen van nu naar God, hoe leren we om thuis te komen in de wereld van de bijbel. Hoe komen we verder op die spiraalvormige weg naar God. Net zoals je in de kerk een beetje onderuit gezakt kan zitten van zo, eens kijken wat de kerk of de dominee, me te bieden heeft. Wat geeft zij aan mij. Dat is niet verkeerd, ook de kerk moet maar leren omgaan met consumententesten, maar het is veel spannender om als je naar de kerk gaat op het puntje van je stoel te gaan zitten en te kijken waar je terecht kan komen. Niet wat wordt mij hier gegeven, maar een aktieve houding van wat vind ik er.

En op die weg breng je in wie je bent. De weg naar God is een leerproces, maar het is niet een proces waar je gedrild wordt. Je laat je niet zo maar kneden, dat kan ook niet, dan verlies je jezelf onderweg. Echt leren gaat in een dialoog, in een samenspraak, waarin jij ook jouw tegenwerpingen en ervaringen inbrengt. Dat mag. Dat moet, want anders verlies je je motivatie, heb je er geen zin meer in en elke onderwijzer kan u vertellen dat met mensen die zelf niet willen leren weinig te beginnen is. En wie de bijbel doorleest merkt dat het niet alleen de mensen zijn die leren en veranderen, ook God verandert en leert bij door de dialoog met zijn mensen.

Het allereerste begin van de wijsheid is bij God. De wijsheid is al bij God, voordat de schepping begint. Eerder dan de oervloed, eerder dan de bergen die de hemel dragen, eerder dan de uitgestrektheid van de aarde waar de mens verblijft.

Voordat de aarde geschapen werd, was de wijsheid al geboren. Nog voor die harde solide aarde er was, was de wijsheid er al. Het geeft aan de wijsheid iets dragends. De wijsheid draagt de aarde. De wijsheid is draagkrachtig genoeg, is steviger, dan honderd fundamenten, is betrouwbaarder dan de aarde waarop we staan. Een wijs man bouwt zijn huis dan ook op de rots van de wijsheid. De wijsheid is getuige van de schepping van hemel en aarde, gaat het gedicht verder. Ze ziet toe, dat heel de schepping te voorschijn komt. En de wijsheid is verrukt over de schepping. En en al vreugde is zij en ze deelt haar vreugde met de mensenkinderen.

Bij wijsheid denk je snel aan ernstige gezichten, aan iets heel moeilijks, aan dat standbeeld van de denker van Rodin, u weet wel die man die zo helemaal met al zijn spieren na zit te denken en aan wiens gezicht en hele houding de geestelijke worsteling te zien is. Wij denken dat wijsheid leidt tot ironie over het menselijke geploeter, tot afstandelijkheid ten opzichte van de wereld, tot cynisme over onszelf en de mensen om ons heen: "zo zijn de mensen altijd al geweest en zo zal het altijd blijven."
wisdom dancing
Maar in de bijbel danst de wijsheid van vreugde over de wereld en over de schepping. De wijsheid brengt een aanstekelijke vreugde teweeg waarin ze de mensen betrekt. Wijsheid wil je brengen tot een positieve en vreugdevolle houding ten opzichte van de schepping en het geschapene. Wijsheid wil je laten zien dat Gods schepping, de wereld zoals hij is en zoals hij worden gaat, goed is. Zeer goed.

De wijsheid brengt vreugde: omdat je een omgang met je medemensen en met de wereld leert, waardoor het beloftevolle van je leven en van al het mensenleven naar voren komt, omdat in je hart iets gaat gloeien van Gods liefde voor jou en Gods barmhartigheid met anderen, omdat je zicht krijgt op wat werkelijk van waarde is in je leven. Omdat je rust gaat krijgen in al je zoeken naar zin en inspiratie en er in je buik zich een gevoel ontwikkelt van: ik zit hier op de goede weg. Wijsheid sticht een relatie met de wereld en je medemensen. Want God brengt je bij nieuwe ervaringen en jouw ervaringen komen in het licht van God te staan.

Wijsheid begint bij God en eindigt bij de mens. Maar het is niet enkel een Jacobsladder, waarop de mens opstijgt naar God en Gods wijsheid afdaalt naar de mensen. Het is een rondgaan door heel de schepping. Het is een weg in grote cirkels door heel de schepping, een spiraal naar Gods aanwezigheid. God, mens en heel de schepping worden op elkaar betrokken en leren van elkaars ervaringen.

Spreuken wil hierin een meditatieve lectuur zijn. Spreuken die je leest en die je bij jezelf overweegt. Je kijkt wat ze bij je oproepen. Je kijkt wat voor weerstanden ze bij je oproepen. Je kijkt of je zelf misschien op betere wijsheden kunt komen. En je merkt dat de wijsheid van Spreuken vaak zo gek nog niet is. Zo krijg je een verstandig hart. Amen

Heerenveen 2000/2009

Spreuken 8:21-31