'Sterk, Heer, de handen tot uw dienst'
Naar Homepage

Naar Hoofdstukpagina Liturgiek

Naar Archief

Naar Weblog

brood en wijnHet Avondmaal heeft zeer lichamelijke kanten. Je loopt in de kerk naar voren, ontvangt brood en een beker in je handen en proeft brood en wijn in je mond. Beide gaan ze je maag in en doen daar iets met je lichaam. Vervolgens loop je weer naar je plaats. In het lied ‘Sterk, Heer, de handen tot uw dienst’ (Liedboek 2013, nr. 378) wordt deze lichamelijke kant van het Avondmaal gethematiseerd. Het lied doet dat in een mediterende en biddende terugblik, als je na het Avondmaal weer op je plaats zit of nog even in de kring staat. Eén voor één wordt stilgestaan bij alle lichaamsdelen die met het ontvangen van brood en wijn verbonden waren. De concrete, lichamelijke functie die de lichaamsdelen gehad hebben bij het ontvangen van brood en wijn worden benoemd. De handen hebben brood ontvangen, de lippen hebben uit de beker gedronken en de voeten hebben de kerk betreden. Oren, ogen, tong en mond hebben allemaal als lichaamsdelen meegedaan in het ritueel van brood en wijn.

Het lied is een gebed dat er iets met deze lichaamsdelen gebeurt. Er wordt gebeden dat de lichaamsdelen die betrokken waren bij het Avondmaal zo versterkt worden dat ze betrokken raken bij het heil van God. Dan kunnen de handen dienen, de lippen zingen van Gods heil, de ogen Gods licht weerspiegelen. Oren, tong, mond en voeten worden dienaars van Christus’ heil.  Het lied veronachtzaamt zo het lichaam niet, zoals vaak in de kerkelijke traditie, maar het zegt ook niet dat je je maar uit moet leven met alles wat in je opkomt. Ons lichamelijke menszijn wordt in dienst genomen door Christus.

In het vijfde couplet wordt het gebed vuriger. De gebedsuitroep ‘sterk’  wordt herhaald. Het gaat in dit couplet om het centrale lichaamsdeel van de mens: het hart, de bloedpomp van ons lichaam. Dat hart wordt  versterkt met bloed van Christus. Zo voedt Christus met zijn bloed ons lichaam opdat wij betere en mooiere mensen worden. Zijn verheerlijkt lichaam versterkt ons lichaam.

De oorsprong van dit opvallende lied ligt in het Oosten. Toen de Portugezen in 1498 in India aankwamen troffen zij daar christenen aan. Deze christenen hoorden bij de Assyrische kerk van het Oosten. De tekst van ‘Sterk, Heer, de handen tot uw dienst’ is gebaseerd op een tekst uit de 1400 jaar oude liturgie van deze kerk, de ‘Heilige Qurbana van Addai en Mari’ . Deze tekst  klonk dus al in India, toen Bonifatius nog niet eens geboren was. 

De Engelse liturgiewetenschapper J.M. Neale kwam de tekst eind 19e eeuw op het spoor. De Engelse dichter Humphries  maakte hier een lied van dat later door de dichter Dearmer is bewerkt. Gert Landman heeft het fijnzinnig vertaald, met eigen toevoegingen, bijvoorbeeld over de lippen, die zelf van de wijn gedronken hebben. Ook het slotcouplet over het hart is een mooie eigen doordenking van de teksten. De redactie heeft dit lied voorzien van een melodie van Dykes (1823-1876). Het lied is een juweeltje!

Coen Wessel


Aanvullende informatie voor de liefhebber:

Dit is de tekst uit de Heilige Qurbana van Addai en Mari waarop dit lied gebaseerd is:

Strengthen, O our Lord, the hands which reach out and take the sacrament for the pardon of debts. -
Make them worthy every day to yield fruit to your Godhead. -
Make worthy the mouths which have given praise worthy, that they may sing glory within the sanctuary. -
May the ears which have heard the sound of your praises never hear, O my Lord, the sound of disquiet. -
May the eyes which have seen your great compassion, O my Lord, see again your blessed hope. -
Make the tongues which have cried out "holy" to speak the truth. -
Lead the feet which have walked within the churches into the land of light. -
Renew the bodies which have eaten your living body with new life. -
Increase all assistance to our assembly which worships your Godhead. -
May your great love remain with us, and by it may we excel in rendering glory. -
Open the door to all our petitions, and may our service also enter in before you. -

Men zegt dat deze tekst teruggaat op een lied van Ephraim de Syriër, en wel het (ten onrechte) aan hem toegeschreven Songs of Nisibis, Hymn 18, st. 12

Deze luidt:

  1. That he should purge his mind, and cleanse also his tongue; that he should purify his hands, and make his whole body to shine; this is too little for the priest and his title, who offers the Living Body.  Let him cleanse all himself at all hours; for he stands as mediator, between God and mankind.  R., Blessed be He Who has cleansed His ministers!

Of dit echt de bron is van dit deel van de ‘Heilige Qurbana van Addai en Mari’ lijkt me niet helemaal duidelijk.


Dit is het lied dat Humphries schreef:

Strengthen for service, Lord, the hands
That holy things have taken;
Let ears that now have heard thy songs
To clamor never waken.

Lord, may the tongues which ‘Holy’ sang
Keep free from all deceiving;
The eyes which saw Thy love be bright
Thy blessèd hope perceiving.

The feet that tread Thy holy courts
From light do Thou not banish;
The bodies by Thy body fed
With Thy new life replenish.

Deze tekst wordt vaak uitgevoerd op een melodie van Bach, Ach Gott und Herr

Dit is het lied van Dearmer op de melodie 'Malabar'.

Strengthen for service

Strengthen for service 2

.

Voor meer informatie over het lied van Dearmer zie hier

Dit is een modernere bewerking uit Evangelical Lutheran Worship:

Buckhurst Run Strengthen for Service