De Paradijsboom
Terug naar Homepage

Terug naar Archief

Naar Liturgiek

Naar Weblog


boom der wijsheidDe Engelse lieddichter Erik Routley schreef in 1974 onderstaand lied voor de liedbundel 'Cantate Domino' van de Wereldraad van Kerken.
 
Er zijn spirituele tradities waarin het kruis van Christus en de levensboom uit het paradijs met elkaar vereenzelvigd worden (bijvoorbeeld in het lied: 'Met de boom des levens'). Ook zijn er tradities waarin het kruis bloeit, als teken van de opstanding, alsof het kruis zelf herleeft. Routley brengt met dit lied een gewaagde vernieuwing aan in deze spirituele tradities: hij identificeert de levensboom met de gekruisigde Christus. Hij schrijft een lied over de levensboom die gekruisigd wordt en onze zonden draagt.
     

1. Jij, paradijsboom, boom van alle wijsheid,

boom van ontferming, boom van grote schoonheid.

Jouw blad geneest de waanzin van ons leven,

heelt onze dwaasheid.

 

2. Jouw naam is Jezus, jij draagt onze zonden.

Zie, onze zelfzucht heeft jouw stam geschonden.

Door loof en takken woekert onze hoogmoed,

voedt zich met doodsbloed.

 

3. Doornen verstikken al je levensstromen,

woede en afgunst hebben je doorstoken.

Maar zie, jij leeft, jouw stam geeft jonge loten,

bloeit voor Gods ogen.

 

4. Jij spreidt je takken, een gebaar van zegen

spreekt: ‘kom, vermoeide, rust zal ik je geven.

Ik droog je tranen, niets heb je te vrezen,

jij wordt genezen.'

 

5. Hier in jouw schaduw ben ik vrij en veilig. 

Laat mij hier blijven, deze grond is heilig.

Mijn hart vindt rust na zoveel jaren zwerven,

hier wil ik sterven.

 

6. Dank, boom van God, voor wat jij hebt geleden.

Dank voor jouw wijsheid, liefde, kracht en zegen.

Jij toont de toekomst van het mens’lijk leven:

bloeien in vrede.


1. There in God's garden stands the tree of wisdom

whose leaves hold forth the healing of the nations,

Tree of all knowledge, Tree of all compassion,

Tree of all beauty.

 

2. Its name is Jesus, name that says, Our Saviour!

There on its branches see the scars of suffering;

see where the tendrils of our human selfhood

feed on its life blood.

 

3. Thorns not its own are tangled in its foliage;

our greed has starved it; our despite has choked it.

Yet look, it lives! Its grief has not destroyed it,

nor fire consumed it.

 

4. See how its branches reach to us in welcome;

hear what the voice says, ‘Come to me, ye weary!

Give me your sickness, give me all your sorrow.

I will give blessing.’

 

5. This is my ending; this my resurrection;

into your hands, Lord, I commit my spirit.

This have I searched for,  now I can possess it.

This ground is holy!

 

6. All heaven is singing, ‘Thanks to Christ, whose Passion

offers in mercy healing, strength and pardon.

Peoples and nations, take it, take I freely!’

Amen! My Master!


Oorspronkelijk was de tekst van Routley bedoeld als een vertaling van het Hongaarse lied 'Paradicsomnak te szép élö fája' van Imre Pecselyi Király (1590-1641), maar Routley's tekst werd veel meer dan een vertaling. Het is eigenlijk een geheel zelfstandig lied geworden, waarbij het Hongaarse lied als inspiratie diende. Hier kunt u meer informatie over het lied van Routley vinden.

Hier vindt u meer over de spirituele en culturele achtergronden van het lied o.a. de kruishoutlegende

Het lied wordt gezongen op de melodie, die hieronder staat afgedrukt.
In deze PDF-file vindt u de melodie 'Shades Mountain' , de melodie die K. Lee Scott schreef voor de tekst van Routley. Deze melodie is in de Angelsaksische wereld het meest bekend. Het lied wordt ook gezongen op de tune Diva Servatrix. Overigens kan het lied ook uitstekend op de melodie van 'Herzliebster Jesu, was hast du verbrochen'  van Krüger worden gezongen (Liedboek 2013 nr. 587).

Paradijsboom Routley